‘Ouder worden is nooit een prestatie, alleen prestaties tellen’, is een al lang door mij aangehangen adagium. En dus probeerde ik te achterhalen waarom ATM haar 40ste verjaardag zo groots moest vieren. Want als het alleen maar om die mooie, ronde bigi yari gaat, dan vind ik deze viering toch wel wat buiten proporties. Bijzondere prestaties in dit jubileumjaar, of geld over op de begroting? Wie zal het zeggen?
De viering bestond uit een dankdienst op woensdag 27 januari, de eigenlijke dag. Vandaag vrijdag 29 januari was er een groot feest, waarbij oud-ministers en –directeuren, vakbondsleiders en al diegenen die hebben gestreden voor de totstandkoming van het ministerie in de bloemetjes zijn gezet. Verder voorziet de ‘feestagenda’ nog in een trimloop de volgende week met als thema “Innovatie fu seti natie”, de uitgave van een gedenkboek en een tweedaagse beurs in verband met bewustwording van de muziekindustrie. Als ‘kroon’ op die 40 jaar werd vandaag ook nog eens ATM’s nieuwe logo gepresenteerd met tekst en uitleg. Wie het breed heeft laat het breed hangen, zullen we maar zeggen.
Mijn kritische instelling ten opzichte van ‘vieringen’ in het algemeen en die van ATM in het bijzonder werd even met een goedkeurende glimlach doorbroken toen ik las en zag dat oud-Premier Jules Sedney, onder wiens regime het ministerie in 1970 werd ingesteld, vanmorgen als eerste in de bloemetjes werd gezet. Als het iemand toekomt om in de bloemetjes te worden gezet dan is het wel deze ‘eminence grise’ van de Surinaamse politiek, die eenzelfde lot ondergaat als de zojuist overleden President Johan Ferrier. Beiden hebben zich –met voorbijgaan aan het eigenbelang– een leven lang ingezet voor land en volk. Beiden zijn na hun uit functie treding als het ware afgedankt, vergeten, alhoewel ze nog zoveel hadden kunnen betekenen voor de samenleving. Helaas vergeet Suriname zijn helden snel.
Terug naar de jarige ATM. Ik ben er niet in geslaagd te achterhalen wat de achterliggende gedachte is geweest om deze 40ste verjaardag zo groots te vieren. Okay, we hebben in Suriname een cultuur die als het enigszins kan alle bigi yari’s viert, maar moeten we dat ook naar alle overheidsinstellingen doortrekken, elke vijf jaar opnieuw? En dat in een land waar door diezelfde overheid op vragen vanuit de gemeenschap nog maar al te dikwijls wordt geantwoord: “Nee, daar hebben we het geld niet voor!” Tegen dit licht bezien vraag ik me af, heeft ATM geen projecten liggen waarvoor nog onvoldoende financiële middelen voorhanden zijn? Had het geld dat nu aan dit feest is uitgegeven niet beter daaraan kunnen worden besteed. De gehouden dankdienst met erwtensoep na afloop had kunnen volstaan en wie weet welk mooi project met de rest van het geld geholpen zou zijn geweest.
———
foto: De West, 29 januari 2010.

Leave a Comment!